Horus from the Dendera TempleGoden en godinnen van het oude Egypte


De oude Egyptenaren hadden een omvangrijk Cultus systeem met een groot aantal goden en godinnen die kwaliteiten van de Schepping vertegenwoordigen.

De goden en godinnen, naar het oud-Egyptisch vertaald als Neter of Netjer, werd afgebeeld als gedaante die de beste eigenschappen voor de ‘vorm’ of ‘lichaam’ draagde als metafoor. Een metafoor is een opening van verborgen kennis waarin de geheimen van creatie liggen begraven.

Relief of Ra from the temple of Kom-Ombo.
Bas-relief van de god Ra afkomstig van de Kom Ombo Tempel.

Legendarische namen van goden waaronder Ra, Amun, Thoth, Isis, Nebet-Het, Osiris, Set, Ptah, Sakhmet, Horus en Anubis die op vele plaatsen zijn terug te vinden vervulde eeuwen lang grote rollen binnen de heilige Zon. Om de samenhang en oorsprong te begrijpen waren leringen gevormd.


Zo boven zo beneden

Oude teksten spreken over; zo boven zo beneden

In de visie van de oude Egyptenaren stond het universum centraal en was de mens geschapen naar het evenbeeld van God. De mensheid was daarom een evenbeeld van de schepping.

In overeenstemming met deze stelling werd alle symboliek en maatgeving afgestemd op de mens waaronder de Aarde, het Zonnestelsel en uiteindelijk het universum.

Het universum als Macrokosmos en de mens als Microkosmos. Alle elementen zijn ‘verborgen’ in het lichaam van de mens. Hoewel het stoffelijke lichaam tastbaar is, is het energetische lichaam, ziel en geest niet tastbaar. Het lichaam herbergt vele energie knooppunten die elk hun eigen functie in het lichaam hebben.


Achterzijde van een Naos. Diverse Neteru afgebeeld op huizen met een verschillend volume.

Fundamentele creatie

Een Neter is actief in domeinen van de Natuur en belichaamd een aspect van de fundamentele creatie.

De goden en godinnen belichamen de krachten die de energie van de natuur voortwaarts laat stromen. Zij vormen de patronen van de DNA van levend organismen en de werking van het genetische energie-veld van de Aarde.

Een Neter werd afgebeeld als kosmische gestalte, als mens of als dier. Er zijn ook samengestelde vormen; bijvoorbeeld een menselijk lichaam met het hoofd van een dier. Deze dieren werden in verband gebracht met de krachten die de mensen aan de desbetreffende goden en godinnen toeschreven. Emblemen die zij boven het hoofd droegen zijn verworvenheden, of dragen een funktie zoals horens, veren, pluimen, tooien, kronen en dieren.


Voorstelling op Papyrus.
Voorstelling op Papyrus. Onder Geb, met daarboven het gebogen lichaam van Nut.

Neteru

Elke god of godin heeft zijn/haar eigen karakteristieke eigenschappen en vormde een patroon of rolmodel voor de mens waaraan een leer verbonden was.

De oorsprong van de goden en godinnen worden vermeld in de creatie Legenden. De goden en godinnen hadden een belangrijke plaats binnen de Zon Cultus verworven binnen een minimaal 5000 jarige beschaving. Sommige van hen opereerden gezamelijk en vormden groepen binnen de heilige Cultus. Naast de term Neter werden zij ook omschreven als ‘Titanen’, ‘De Groten’ of ‘Giganten’.


Schepping

Gebeurtenissen die zich hebben plaatsgevonden in het universum (het allesomvattende) hebben tot nieuwe scheppingen van energie geleid.

Ook de mens is een schepping en belichaming van het universum. Werkzame energieën in het Universum hebben ertoe geleid dat de energieën zich door bewustwording, vermenigvuldiging, bevruchting, splitsing of eenwording zich als manifestatie van het alles omvattende konden verheffen of ontplooien.

Als gestalte/substantie of belichaming van het allesomvattende is bij elk schepsel de bron/kern aanwezig waaruit hij ontspruit is. Deze kern van al het leven bevind zich in de mens, planten en dieren. De Egyptische ouden wisten dit maar al te goed en konden met de werkzame kosmische energieën wonderbaarlijke praktijken verrichten.

Aset met beschermende vleugels.
Aset met haar beschermende levenschenkende vleugels op een deksel van een sarcofaag.

De Neteru, energieën die oorsprong vinden in het universum zijn in vele sferen zowel zichtbaar als niet zichtbaar, stoffelijk als geestelijk werkzaam, zowel kosmisch als Aards. De Zon, Orion, Sirius, Grote Beer, Mars, Mercurius, Venus en de sterrenbeelden om er een paar te noemen.

Ook zijn de goden en godinnen op Aards niveau aanwezig en belichamen cyclussen, atmosfeer, ether, water, vuur, Aarde en krachten waaronder de krachten van de vier windrichtingen. Door de Neter te leren kennen wordt men zich bewust van de krachtige energieën die zij bezitten. Sommige van deze Neteru zijn verborgen diep in de Zelf.


Lagere Goden

Er waren honderden ‘lagere goden’, welke het Egyptische pantheon omringden en de karakteristieke eigenschappen van slechts enigen van hen, behandeld kunnen worden. Elk uur van den dag had zijn eigen god, evenals ieder uur van den nacht.

De groep van acht reptielen uit het oude Egypte.
De groep van acht reptielen afgebeeld op het plafond in de Dendera Tempel. Links boven de Noordenwind, Qebui.

De vier winden waren onder de Egyptische goden evenzeer vertegenwoordigd als bij de Grieken. De Noordenwind werd Qebui genoemd en wordt afgebeeld als een gevleugelde Ram met vier koppen; de Zuidenwind, Shehbui, ziet men als een man met een leeuwenkop; de Westenwind, Huzayui, heeft de kop van een slang, op het lichaam van een gevleugelde man.

Khnum afgebeeld op een plafond in de Dendera Tempel.
Qebui afgebeeld op het plafond in de Dendera Tempel.

De Oostenwind, Henkhisesui, komt ons soms in menselijke gestalte tegen en heeft, evenals de Noordenwind, de kop van een Ram, doch soms ook stelt men hem als een gevleugelde Kever, met een Ramskop, voor.

Zintuigen
De zintuigen werden eveneens door goden voorgesteld. Zo was Saa de god van het zintuig der aanraking, of het gevoel. Hij wordt in menselijke gestalte afgebeeld en hij draagt op zijn hoofd een teken, uit parallel lopende lijnen samengesteld; deze worden naar boven toe kleiner.

In de Thebaanse uitgave van het Boek der Doden, ziet men hem bij het oordeel onder die goden, die toezien op het wegen van de harten der gestorvenen. Soms vaart Saa, met Thoth en andere goden, in de boot van Ra. In een passage spreekt men over hem als Zoon van Geb. Hij is de personificatie van het intellect, zowel van mensen, als goden.

De god van den smaak heette Hu. Hij wordt eveneens als een man voorgesteld en men verhaalde, dat hij uit een bloeddruppel, welke uit Ra gevallen was, voortgekomen was. Hij werd de voorstelling van het goddelijk voedsel, waarvan de goden en de gelukzalige gestorvenen leven. Maa was de god van het gezicht. Men schildert hem als een man, met een oog boven zijn hoofd af en dit is eveneens het symbool van zijn naam.

Setem was de god van het gehoor en bij hem wordt zijn hoofd door een oor gekroond. De planeten werden eveneens als goden beschouwd. De dagen van de maand stonden verder eveneens onder beschermgoden.(1)


Register

Referenties
(1) Mythen en Legenden van Egypte

In de late tijd tot Grieks/Romeinse dynastie telde men wel meer dan 300 goden en godinnen. Vele hiervan waren Farao die als vereenzelviging van een Neter ook een Neter-titel droegen en daarom een rol binnen de Neteru wereld verworven en vervulde. Daarnaast ook hoogpriesters, genezers en magiërs die hoog stonden aangeschreven onder het volk kregen een positie tussen de belangrijke Neteru.

De Hindu leer vermeld meer dan 200 Murti’s wat manifestaties zijn van een vormloos Absolute. De Murti’s representateren de kracht waarmee het wordt afgebeeld. Voor de Murti’s worden speciale ceremonieën gehouden waarmee zij gebruikt kunnen worden in de religieuze diensten.

UITGELICHT

Hu